Het draait om Leefgeld

Leefgeld is de lakmoesproef voor schuldhulpverlening. In veruit de meeste gevallen merkt men pas dat er problemen zijn als er geen of nauwelijks nog leefgeld is voor boodschappen. Of een hulpverlener geeft weinig leefgeld of zelf houdt men weinig leefgeld over door allerlei betalingsregelingen. “Maar er moet toch worden afgelost”, zegt men dan. “Ja, maar er moet toch ook worden geleefd”, zeggen wij dan. Iemand die schuldhulpverlening krijgt heeft niet minder honger dan een ander die dat niet krijgt en het mag voor uw dagelijkse boodschappen niet uit maken of u onder bewind staat of niet. Het draait om Leefgeld en daar moeten ook wel eens dingen voor wijken. Aflossen is de sluitpost en niet het leefgeld.

Hoeveel?
Het is moeilijk aan te geven hoeveel leefgeld iemand moet krijgen. Dat hangt af van de persoonlijke situatie; Duur abonnementje, de kachel op hoog en overal licht aan? Dat gaat ten koste van het leefgeld.
Net als ieder ander maken we voor u een budgetplan waarbij we het leefgeld zo hoog mogelijk willen zetten. En net als ieder ander moet rekening gehouden worden met extreem hoge uitgaven voor bijvoorbeeld internet,- of telefoonabonnementen.

Maar hoeveel dan?
We zullen u proberen
in de richting te praten van €70 per week voor een alleenstaande, door abonnementen en andere vaste lasten terug te schroeven. We hebben een alleenstaande die niets geeft om een smartphone en TV kijkt via internet; zij heeft €100 per week. We sparen minimaal, voor bijvoorbeeld een tegenvallende gasrekening of zorgkosten maar in onderling overleg ook voor andere zaken. Het vorenstaande betekent dat we dus niet streven naar een hoog saldo op de rekening. Dat zou ook alleen maar in de schuldsanering vallen.